|
|
|
Salvestrolen:
Waarom geld uitgeven aan biologische
voeding wél verstandig is
Enigszins gewijzigd overgenomen van: www.ortho.nl.nl
Ongetwijfeld hebt u zich ook wel eens afgevraagd of het nu werkelijk nodig is
dieper in de portemonnee te tasten voor biologische appels of spinazie. Nog
begin dit jaar kwam de Consumentenbond weer met één van zijn stokpaardjes:
Biologische groenten niet gezonder dan gewone groenten. Het verschil aan
vitamine C, mineralen, vezels en antioxidanten is minimaal, bleek uit onderzoek.
Maar de Consumentenbond was blijkbaar niet op de hoogte van het werk van de twee
Britse hoogleraren Dan Burke en Gerry Potter. De BBC wist verleden jaar al te
melden dat deze twee heren waarschijnlijk een belangrijke ontdekking hebben
gedaan. Ze keken niet naar vitamines, mineralen en vezels, maar naar heel andere
stoffen, die belangrijk zijn voor de gezondheid. Burke had al weer zo’n tien
jaar geleden een enzym ontdekt dat alleen in tumorcellen voorkwam. Toen hij een
aantal jaren later prof. Gerry Potter ontmoette, kwamen zij gezamenlijk tot een
nieuwe ontdekking. In groenten en fruit kunnen stoffen zitten die precies passen
op het door Burke gevonden enzym, als het ware als een sleutel op een slot. Waar
ze achter kwamen, was dat zodra de sleutel in het slot was gestoken, er zich in
de tumorcel een stof vormde die in staat was deze cel te doden. Ofwel, op deze
wijze was het mogelijk om met die stoffen in groente en in fruit de tumorcel te
doden. Ze noemden deze stoffen ‘salvestrolen’.
Nu rijst natuurlijk de vraag in welke groenten en in welk fruit deze
salvestrolen zitten. Welnu, deze salvestrolen bleken in overvloed aanwezig in…
onbespoten groente en fruit. Waren de gewassen bespoten met kunstmatige
antischimmelmiddelen, dan werden nauwelijks salvestrolen gevonden. Was dat toeval? Nee. Bij bespuiting is het gewas gewoon te lui om zijn eigen
antischimmelmiddelen aan te maken.
In 2002 verscheen in het tijdschrift HortScience een artikel over
hoe het gehalte van zo’n salvestrol in bessen negatief werd beïnvloed door
sproeiprogramma’s om schimmelziekten tegen te gaan. In een proef bleek dat
schilletjes van onbespoten bessen veel hogere concentraties salvestrol hadden
dan die van de chemisch bespoten bessen.
Salvestrolen zijn ook wel te herkennen aan hun bittere smaak. Daarom is het zo
jammer dat de laatste decennia de bittere smaak uit vele groenten is wegveredeld,
zoals bijvoorbeeld uit spruitjes. Ook worden tijdens het productieproces
vruchtensappen dusdanig bewerkt dat de bittere smaak door een zoete wordt
overheerst. Ten koste van de salvestrolen dus.
Overgenomen van www.nu.nl, 29-10-2007
Voedsel waarbij geen kunstmatige stoffen worden gebruikt is niet alleen écht
gezonder, maar heel veel gezonder.
Organisch geteelde groenten en fruit bevatten veel meer goede ingrediënten dan
bespoten exemplaren. Zoals veertig procent meer antioxidanten. Deze stoffen zijn
een belangrijk verdedigingsmechanisme tegen dodelijke aandoeningen als kanker en
hartziekten.
Volgens professor Carlo Leifert, de coördinator van het Europees onderzoek,
zijn de verschillen tussen organische en bewerkte groenten en fruit niet zomaar
groot, maar ontzettend groot. Hij zegt dat het eten van organisch voedsel
hetzelfde is als het eten van één extra portie groente of fruit per dag.
Voor dit onderzoek teelden de wetenschappers groenten en fruit, waaronder kool,
sla, aardappelen en graan, op een eigen stuk land. De helft werd organisch
geteeld en de andere helft op de traditionele manier. Hierna werden ze
vergeleken op verschillende factoren zoals de voedingswaarde.
Bijen en pesticiden
Voedselvoorziening in gevaar
Onderstaand bericht overgenomen van www.nu.nl,
03-02-2009
Imkers waarschuwen voor bijensterfte
De bijenpopulatie in Europa heeft het zwaar te verduren. Naar verwachting
overleeft 20 tot 40 procent van de beestjes deze winter niet. Dat zeiden imkers
uit verscheidene landen tegen het Europees Parlement en de Europese Commissie in
Straatsburg. Zij willen dat Europa scherpere regels opstelt rond de fabricage en
het gebruik van pesticiden. Normaal gesproken sterft ongeveer 10 tot 15 procent
van de bijenpopulatie in de winter.
De imkers zien de sterftegolf als een groot probleem, omdat zonder bijen bloemen
niet bevrucht raken, met als resultaat minder planten, groenten en fruit.
''We hebben het idee dat er weinig voor de bijen wordt gedaan, omdat de
economische belangen van de fabrikanten van bestrijdingsmiddelen veel sterker
wegen'', zei een Franse imker. Een van zijn collega's vergeleek het gevecht
tussen de imkers en de fabrikanten van bestrijdingsmiddelen met dat van David en
Goliath.
Onderstaande tekst is afkomstig van TROS RADAR
(250-04-2005) en bewerkt door R.Weistra
Helpt melk tegen botontkalking (osteoporose)?
In Zweden en Nederland, waar veel zuivel wordt geconsumeerd, breken veel mensen
een heup.
In landen waar veel minder zuivel
wordt geconsumeerd, zoals China en Japan, komt dit veel minder voor. De cijfers:
In Nederland heeft 12 op de 10.000 mensen een
heupbreuk gehad. In Zweden is dit 20, China 10 en Japan 9.
Geen verband tussen het drinken van melk en
(het
voorkomen van) botbreuken.
Prof. Walter Willett, voedselwetenschapper aan Harvard University, onderzoekt
al sinds 1976 de relatie tussen zuivel en osteoporose. Hij zegt dat niet is
gebleken dat veel melk drinken botbreuken voorkomt. Prof. Colin Campbell, biochemicus aan
Cornell University, is nog negatiever: volgens hem maken de eiwitten in de melk
een zuur aan dat zorgt voor een afbraak van
het bot.
Beide wetenschappers zijn ervan overtuigd dat het menselijk lichaam niet gebouwd
is om koemelk te drinken. Volgens hen is koemelk bedoeld voor het kalf, net zoals
moedermelk is bedoeld voor de baby.
Kalk
Het staat vast dat het menselijk lichaam calcium nodig heeft voor zijn botten.
Volgens Willet krijgen we daar genoeg van binnen als we gezond leven, ook zonder
zuivel. Groene groenten zijn belangrijk. Een koe komt ook aan het calcium door het eten van
groen gras. En het is van belang veel buiten te zijn om vitamine D binnen te krijgen.
Melk, cholesterol, en hartkwalen
Melk bevat veel (dierlijke) vetten, ook wel bekend als verzadigd vet. Algemeen bekend is dat deze
vetten cholesterolverhogend zijn en de kans op hart- en vaatziekten
aanzienlijk vergroten.
Professor Campbell verrichtte de zogeheten China Study, waarin hij zegt dat
mensen die een dierlijk- en eiwitrijk dieet volgen tot 17 keer meer
kans hebben op hartziektes dan mensen die hun voedingsstoffen halen uit onder
meer fruit en groenten, zoals de Chinezen. Prof. Katan, hoogleraar voedingsleer
bij het Centre of Food Sciences te Wageningen, zet wel kanttekeningen bij dit onderzoek. Er
zijn eventueel nog andere verbanden te leggen. Chinezen bewegen misschien meer,
roken minder, zijn slanker, eten minder ongezond. Volgens Katan is de uitkomst
dus niet zomaar aan eiwit toe te schrijven.
Toch vindt Katan wel dat het vet in melk beter te vermijden is. Melk is heel
rijk aan verzadigde vetzuren. Die verhogen je cholesterol en dat leidt tot
aderverkalking en tot hartinfarcten. Magere melk, magere yoghurt en karnemelk
zijn daarom mooie producten. De Amerikaan Campbell is juist van mening dat niet
alleen het vet het risico op hart- en vaatziektes verhoogt, maar dat de eiwitten
die in zuivel zitten nog meer risico vormen en dan heeft het drinken van magere
producten volgens hem geen enkele zin.
Zuivel en kanker
Er worden ook steeds meer verbanden gelegd tussen het consumeren van zuivel en
kanker. Deze onderzoeksresultaten zijn nog maar net boven water gekomen en
moeten nog verder onderzocht worden. De meningen verschillen hierover nog enorm.
Volgens Campbell zijn de kankercijfers, net zoals de hart- en vaatziektecijfers,
in Amerika vele malen hoger dan in Azië. We hebben in ons lichaam het zogeheten
eiwit IGF-1, de Insuline-like Growth Factor. Deze hebben wij nodig om ons
lichaam te laten groeien en te versterken. Wanneer we volgroeid zijn en daarna
nog steeds een overdadige hoeveelheid dierlijke eiwitten zoals bijvoorbeeld melk binnenkrijgen, dan kan het IGF-1 nergens meer heen, want we zijn al
volgroeid. Het gevaar is dat deze stoffen zich dan vestigen aan kankercellen, waardoor de
kans op kanker vele malen groter wordt. Dat melk niet alleen slecht is voor de
gezondheid blijkt uit onderzoeken: het calcium vermindert het risico op
darmkanker.
Lactose intolerantie
Het overgrote deel van de wereld (70 %) wordt trouwens ziek van het drinken van melk,
die mensen zijn lactose-intolerant. Dit betekent dat zij de melksuikers, de lactose,
niet goed kunnen verteren. (Moedermelk bevat ook lactose, maar baby's kunnen dat wel verteren.)
Negentig procent van de Aziaten, zeventig procent van de Afrikanen en vijftig
procent van de Zuid Amerikanen zijn lactose-intolerant. Terwijl maar vijftien
procent van de blanken niet tegen het drinken van melk kan. En het is opvallend
dat als je stopt met melk drinken, je lichaam vanzelf lactose-intolerant wordt.
In Nederland krijgen we bijna nooit
iets te horen over de kanttekeningen die geplaatst worden bij het drinken van
koemelk.
Melk is goed voor elk, we zijn er allemaal mee grootgebracht en drinken dan
ook gemiddeld twee glazen melk per dag. Hiermee behoren we tot de
grootste zuivelconsumenten van de wereld.
In Nederland wordt niet veel ruchtbaarheid gegeven aan de andere kant van het verhaal. Melk is namelijk een belangrijk onderdeel van de Nederlandse
economie. De organisatie die in Nederland verantwoordelijk is om melk aan de man
te brengen is de Nederlandse Zuivel Organisatie. Deze voelt zich niet geroepen
om deze kanttekeningen in de openbaarheid te brengen. Ook al heeft het NZO een voorlichtende
functie, het is goed om in gedachten te houden dat
het een commerciële organisatie is. Het Voedingscentrum houdt, ondanks deze
nieuwe onderzoeksgegevens, ook nog steeds vast aan 2 tot 3 glazen melk per dag.
Interview Campbell en Willett
GROOTSTE DEEL INTERVIEW
TROS RADAR MET COLIN CAMPBELL:
Op welk moment bent u van opinie veranderd?
Mijn opinie is door de jaren heen geleidelijk bijgesteld. Ik heb in de
Filippijnen gewerkt aan een wereldwijd programma dat tot doel had om ondervoede
kinderen te voeden en ons werk bestond eruit ervoor te zorgen dat deze
ondervoede kinderen meer proteïne binnen zouden krijgen, net zoals bij ons in
het westen. Terwijl ik daar was, kwam ik tot de ontdekking dat een kleine groep
van kinderen genoeg proteïne binnen kreeg en dat zij net zoals wij aten, maar
dat waren nu juist degenen die de meeste kans liepen op het krijgen van een
specifieke vorm van kanker. Dit werd de start van mijn lange research carrière
waarin ik heb geprobeerd te begrijpen wat de relatie is tussen het consumeren
van dierlijke proteïne diëten (zoals wat men binnen krijgt via melk) en het
ontstaan van kanker. Gedurende vele jaren van onderzoek bleek dat, vooral omdat
wij specifiek in China een zeer uitgebreid onderzoek hebben gedaan en ook uit
ons laboratoriumwerk, er van diverse kanten veel bewijsmateriaal is dat het idee
ondersteunt dat zuivelproducten niet zo goed zijn als we ooit dachten.
Hoe komt het dat de meeste mensen niet weten dat melk niet goed is?
In Amerika zijn we in ieder geval sinds kleins af aan opgegroeid met het idee
dat je van koeienmelk sterke botten en tanden krijgt. Dat hebben we eindeloos
kunnen horen en de meeste informatie hierover werd via het schoolsysteem
gecommuniceerd én let wel, veel van deze voedingsinformatie, misschien zelfs 80
of 90 procent kwam van de Zuivelindustrie zelf. Natuurlijk hebben zij zorgvuldig
uitgelegd dat zuivelproducten ons belangrijkste voedsel was en dus zijn wij zo
opgegroeid. Dat duurt al nu 3 tot 4 generaties en daarom is iedereen geneigd te
denken dat melkproducten zo vreselijk gezond zijn.
Denkt u dat wij verkeerd zijn voorgelicht?
Ja, misschien in het begin. Ik wil er niet te hard over zijn want ik geloof dat
veel mensen die hier in de beginfase bij betrokken waren inderdaad het verhaal
zeker geloofden en dachten dat het goed voedsel was. Ik groeide zelf op een
melkveehouderij op en voor mijn artsenscriptie onderzocht ik hoe we efficiënter
koeien konden fokken zodat we meer melk konden drinken en meer dieren konden
eten. Ik geloofde er zeker in en iedereen om me heen, geloofde dit. Dit is dan
ook de reden dat ik niet te kritisch wil zijn op degenen die betrokken waren bij
het communiceren van de toenmalige gedachte. Maar in de laatste 30 tot 40 jaar
is er veel informatie naar voren gekomen waardoor er ernstige vraagtekens gezet
kunnen worden. Veel van deze informatie wordt niet gecommuniceerd en dat is een
probleem.
Is men huiverig om dit geluid te laten horen?
Jazeker men is er huiverig voor om dit naar buiten te brengen en wanneer dit
soort informatie in een wetenschappelijk blad verschijnt, wordt het meestal niet
doorgegeven aan landelijke bladen of voedingswijzers. Het wordt gewoonweg niet
gecommuniceerd omdat de melkindustrie zo machtig is geworden. Het expliciet
uitspreken van deze vragen kan zelfs gevaarlijk zijn voor iemands carrière, kan
de mogelijkheid tot het doen van onderzoek of het publiceren van
onderzoeksresultaten beperken en iemands reputatie kan besmet worden.
7 op de 10 mensen in de wereld zijn lactose intolerant nietwaar?
Nou dat sterkt mij in mijn mening dat het niet de bedoeling is dat we in de
meeste situaties melk drinken. Mensen die niet gewend zijn om koeienmelk te
consumeren neigen naar lactose intolerantie. Het is echter niet zo dat lactose
intolerantie een fatale ziekte is, zeker niet, maar het is een oncomfortabel
symptoom. Het is een indicatie dat er iets niet helemaal goed is maar mensen die
bijvoorbeeld gewend zijn om veel melk te consumeren raken er meer aan gewend.
Het lichaam kan dan de lactose afbreken, ons lichaam kan zich meestal aanpassen.
Maar als we dan een tijdje geen zuivelproducten meer hebben gebruikt, wordt ons
lichaam weer opnieuw intolerant. In de VS zijn vooral kleurlingen, mensen van
Zuid-Amerikaanse en Afrikaanse komaf, lactose intolerant. Zij zijn niet zo
gewend melk te drinken als blanken. In principe zegt dit ons dat er iets mis is
met melk. Het is een symptoom, een waarschuwing.
Maar er is toch ook heel veel ander voedsel dat we eten dat niet natuurlijk
is…?
Wat ik hierop moet antwoorden is dat we allemaal gevangenen zijn van onze eigen
smaak. Uit wetenschappelijke informatie blijkt dit ook. Dit betekent dat we het
voedsel lekker vinden dat we gewend zijn te eten. Aan dit voedsel geven we dan
ook de voorkeur. Dus, als we van dieet veranderen vinden we dat in het begin
niet echt lekker. Maar we weten wel, dat wanneer we bijvoorbeeld overstappen op
een minder vet dieet met veel minder zout we na 3 of 4 maanden aan deze nieuwe
smaak gewend zijn. Het is zelfs zo, dat we achteraf niet meer begrijpen waarom
we vroeger dat andere eten lekker vonden. Dat een erg interessant feit dat veel
mensen niet kennen. Veel mensen zijn bijvoorbeeld gewend melk (hoog vet gehalte,
vooral proteïne) te drinken. Ik vond het zelf lange tijd lekker. Als men een
tijdje, misschien een aantal maanden, geen melk drinkt en vervolgens weer melk
probeert te drinken, vindt men het niet lekker. Ik kan nu absoluut geen glas
melk meer drinken terwijl ik veel melk dronk toen ik jong was. Ik haat nu de
smaak van melk waaruit blijkt dat wij ons aan een nieuwe smaak kunnen aanpassen.
Helaas zitten we in Europa en de Verenigde Staten op het verkeerde spoor. Wij
zijn gewend aan het nuttigen van voedsel dat veel proteïnen en vet bevat maar
weinig vezels, dus niet veel plantaardig voedsel.
Mensen zijn er niet voor gemaakt om melk te drinken. Koeienmelk is bedoeld
voor de ontwikkeling van een kalf. Wat doet dit met het menselijk lichaam?
Er gebeuren in feite veel dingen. Ik heb het altijd vreemd gevonden dat van alle
diersoorten op onze planeet er maar één soort bestaat dat besloten heeft melk
te drinken na de zoogperiode. Natuurlijk is menselijke moedermelk perfect
voedsel, maar wij zijn als soort geneigd na de borstvoeding nog steeds melk te
drinken en, om het nog erger te maken, we drinken melk die van een andere
diersoort komt, heel vreemd. Als je er goed over nadenkt is hier iets heel
onnatuurlijks aan.
Het komt ook nog van een diersoort dat zoveel groter is…Is dat de reden dat
wij zo lang worden?
Wanneer jonge mensen een dieet consumeren met een hoog gehalte aan
zuivelproducten, vlees en andere dierlijke producten (melkproducten, vlees en
eieren vallen binnen dezelfde categorie) in verhouding tot de hoeveelheid
plantaardige producten die worden geconsumeerd, wordt de groei gestimuleerd. We
groeien als kinderen sneller en sneller. Groeien, hebben we altijd gedacht, is
toch erg goed. Dat is niet zo.
Ik zal u één voorbeeld geven wat betreft vrouwen. Wanneer een vrouw zo snel
als mogelijk groeit, wordt zij vroeg volwassen en bereikt zij eerder de
vruchtbare leeftijd. We hebben dat in China gezien. We hebben hier aangetoond
dat op het Chinese platteland de vruchtbare leeftijd bereikt wordt bij 17 jaar.
Hiertegenover staat het westen waar de leeftijd ligt op 11 of 12 jaar. Ten
tweede, op het platteland van China bereikt de vrouw het einde van haar
vruchtbare periode, de overgang, 3 of 4 jaar eerder. Dus komt bij vrouwen op het
platteland in China bijvoorbeeld borstkanker veel minder voor, de
vruchtbaarheidsperiode is korter en het percentage oestrogeen in het bloed is
slechts 50 tot 60 procent van wat het bij westerse vrouwen is.
Je vraagt je dus af waarom vrouwen in het westen eerder beginnen? Dat is omdat
we ze heel veel melk en dierlijke producten geven. Hiermee stimuleren we in
werkelijkheid de groei. Dus belanden zij eerder in die periode van hun leven, de
hoeveelheid oestrogeen is hoger en dit vertaalt zich weer naar een hoger risico
op het krijgen van kanker.
Ik denk dat hetzelfde geldt voor het risico op prostaatkanker bij mannen.
Jongens worden snel lichamelijk volwassen en lopen vergelijkbare risico’s op
latere leeftijd. We hebben dus veel aanwijzingen en nu hebben we nog meer
rechtstreeks bewijs dat borstkanker, prostaatkanker en een aantal andere soorten
kanker hiermee te maken hebben mits we er op de juiste manier naar kijken.
Nadat de moeder stopt met het geven van borstvoeding, blijven moeders hun
baby’s melk geven, is dat goed?
Neen, terwijl vrouwen aangespoord dienen te worden hun baby borstvoeding te
geven -dit is de beste voeding gedurende deze tijd- dienen kinderen na deze
periode (ongeveer 1 jaar tot 1,5 jaar? Ik weet het niet precies want ik ben geen
arts) geleidelijk aan andere voeding te krijgen.
Wij zijn opgevoed met het idee dat onze botten aangesterkt dienen te worden,
wat vindt u hiervan?
Alhoewel de inname van een hoger calcium niveau, zoals we binnenkrijgen via
zuivelproducten vaak geassocieerd wordt met een hogere botdichtheid en een
hogere botdichtheid wordt weer geassocieerd met een verlaagd risico op
osteoporose, klopt dat niet. Maar daarom zijn we wel gaan geloven dat het meten
van de botdichtheid een belangrijke indicatie is of we aanleg hebben voor
osteoporose. Momenteel is deze meting bijna een routine geworden, vooral bij
vrouwen in de overgang. En, een hogere botdichtheid geeft in vele gevallen
inderdaad een goede prognose aan. Maar dit is niet het volledige verhaal. Er
steekt nog meer achter dit verhaal. Als we het hebben over dat zuivel sterkere
botten creëert, hebben we het over een grotere botdichtheid, meer calcium. Maar
het is ook zo dat de zuivel die geconsumeerd wordt veel proteïnen bevat. En de
proteïnen zorgen er aan de andere kant weer voor dat calcium wordt afgebroken
dus wat je aan de ene kant wint, verlies je weer aan de andere kant. Dus is
volgens mij de botdichtheid niet de enige en zelfs niet de belangrijkste
indicatie voor osteoporose. Hier ligt veel en veel te veel de nadruk op.
Dierlijke proteïnen veroorzaken een stofwisselingsconditie asidose genaamd
waardoor zuren in ons lichaam en in onze weefsels worden aangemaakt. Alle proteïnen
hebben de neiging steeds een kleine hoeveelheid nieuwe zuren in onze weefsels
aan te maken. Ons lichaam houdt hier niet van en probeert die zuren te
neutraliseren en de beste manier om dat te doen is door het calcium uit de
botten te verwijderen en te neutraliseren. Dan wordt het calcium grotendeels
afgevoerd via de urine en dat is een van de manieren waarop calcium uit de
botten onttrokken wordt wanneer we dierlijk voedsel, inclusief natuurlijke
zuivel, consumeren.
Dus kort gezegd, wanneer iemand veel melk drinkt, zitten hier veel proteïnen
in die het calcium in de botten zal doen afnemen?
Inderdaad, maar tegelijkertijd gebeuren er ook veel andere dingen in ons lichaam
wanneer we melk drinken. Ons lichaam heeft bij vrouwen de neiging het
oestrogeenniveau te verhogen, misschien bij mannen de mannelijke hormonen. Deze
verhoogde hormoonniveaus zijn niet goed voor ons en kunnen, zoals ik al zei,
borstkanker en mogelijk prostaatkanker veroorzaken. Ook verhoogt dit het risico
op osteoporose doordat die hoge niveaus waaraan we gewend zijn plotseling bij de
overgang naar beneden gaan. Ons lichaam is niet gewend aan dergelijke
veranderingen.
Is in andere landen het risico op botfracturen lager?
Wij weten uit vele onderzoeken dat bijvoorbeeld de hogere inname van dierlijke
proteïnen de kans op botfracturen vergroot. Wij weten ook dat hoe hoger de
inname van calcium hoe hoger het risico op botfracturen. En, in vele landen
krijgen wij onze extra calcium en dierlijke proteïnen via de natuurlijke weg
binnen door de consumptie van zuivelproducten. Dus hoe hoger de consumptie van
zuivelproducten in de verschillende landen, hoe hoger het risico op osteoporose
en botbreuken. Hier hebben we veel gegevens over die, volgens mij, bijna niet
betwist worden. Alle andere informatie waarover de wetenschap nu en dan graag
spreekt is vaak met een beperkte visie, zonder rekening te houden met het
grotere geheel. Maar er zijn nog steeds mensen die verkondigen dat men door
zuivel sterke botten krijgt of osteoporose vermindert. Er is hier eenvoudigweg
geen bewijs voor, alleen als je er met een zeer beperkte visie naar kijkt en dat
is niet dé goede manier om de gegevens te interpreteren. Wanneer je het in een
groter verband bekijkt dan is het zo dat, hoe hoger de inname van zuivel hoe
groter de kans op osteoporose.
Kunt u vergelijkingen maken met andere landen?
Ja, wanneer ik het heb over ‘hoe hoger het niveau’ dan heb ik het over de
vergelijking tussen verschillende landen. Dat gaat van landen waar geen zuivel
geconsumeerd wordt tot landen waar veel zuivel geconsumeerd wordt. In die landen
waar de minste zuivel wordt geconsumeerd, komen de minste botfracturen voor.
Dus is osteoporose een westerse ziekte?
Ja inderdaad. Ik moet hierbij wel benadrukken dat er ook andere factoren een rol
spelen bij osteoporose zoals bijvoorbeeld een hoge inname van zout, mogelijk ook
te weinig blootstelling aan zon en het wordt zeker beïnvloed door fysieke
inspanning en fysieke belastingsoefeningen zoals we dat tegenwoordig noemen.
Osteoporose kan niet geheel opgehangen worden aan zuivelproducten, maar het
effect van zuivel op osteoporose is dat dit het risico altijd verhoogt.
U heeft een onderzoek in China gedaan, hier in het westen is de kans op hart-
en vaatziekten ziekten 17 keer hoger, kunt u daarover verder iets vertellen?
Wij weten van hartziekten dat de relatie tot voeding redelijk vergelijkbaar is
met de relatie tussen voeding en kanker. Men kan zeggen dat hart- en vaatziekten
eigenlijk een westerse ziekte is. Als we kijken naar landen die weinig dierlijk
voedsel consumeren of veel minder dan hier, komen hart- en vaatziekten ook
minder voor. Ook hebben ze veel lagere cholesterolwaarden, waarden die een goede
indicatie geven van het risico op hart- en vaatziekten. Dat is niet helemaal
correct, maar wel een goede aanname. Bijvoorbeeld in China waren de gemiddelde
cholesterolwaarden veel lager dan in het westen, zelfs verbazingwekkend laag. En
ze bleken hoger te zijn in die regio’s waar meer dierlijk voedsel geconsumeerd
wordt. En wanneer cholesterolwaarden hoger worden, steken hart- en vaatziekten
de kop op. Ik bedoel dat hart- en vaatziekten bijna niet voorkomen in bepaalde
delen van China, zoals u al zegt gemiddeld soms 17 keer minder, maar in sommige
gebieden zelfs helemaal niet. En we weten ook van Westerse onderzoeken dat
wanneer de cholesterolwaarde onder de 150 milligram per deciliter (mmol/l3.87)
komt dat hart- en vaatziekten zelden voorkomen en één manier om die waarden
naar beneden te brengen is door het eten van plantaardige voeding.
In Afrika worden weinig zuivelproducten gegeten maar men rookt veel. Hoe zit
dat?
Roken vergroot het risico op hart- en vaatziekten. Cijfers laten zien dat er
meer mensen sterven als gevolg van hart- en vaatziekten als gevolg van roken dan
van longkanker. Dit is ook onderzocht. Wanneer je rokers die verschillende
hoeveelheden groenten eten vergelijkt, zijn de rokers die de minste kans lopen
op het krijgen van longkanker de rokers die de meeste groenten eten. Het is heel
interessant: het effect van een dieet. Het effect van onze voeding is namelijk
erg krachtig en kan in vele gevallen de gelopen risico’s, zelfs van zoiets
slechts als sigaretten, verminderen.
Wordt het risico op hart- en vaatziekten verlaagd door het drinken van melk
met een laag vetgehalte?
Dat is een goede vraag. Afgeroomde, magere melk bevat natuurlijk geen of heel
weinig vet. Het bevat veel proteïnen en zelfs een hogere concentratie proteïnen
als percentage calorieën. We hebben altijd gedacht dat magere melk goed was
omdat we dan geen vet consumeren. Maar in werkelijkheid bevat magere melk nog
steeds dezelfde proteïnen en, concluderend uit de informatie die ik ken, zijn
het eerder de dierlijke proteïnen die de cholesterolwaarden bepalen dan het
vet. Dus winnen we niets met het overstappen van het gebruik van volle melk naar
het gebruik van magere melk.
Het zijn de proteïnen in de melk die naar alle waarschijnlijkheid gerelateerd
kunnen worden aan de groei van het aantal gevallen van kanker. In ons
laboratorium, dat gefinancierd wordt door de ‘National Institute of Health’,
hebben we in de afgelopen 27 jaar ontdekt dat caseïne, de primaire proteïne in
koeienmelk, bij proefdieren het risico op bepaalde soorten kanker dramatisch
verhoogt. Het stimuleert de groei van kanker. En uit alles dat ik weet moet ik
zeggen dat caseïne, tenminste in onze proeven, de meest relevante en meest
prominente factor was bij het oplopen van het aantal gevallen van kanker. Ook
bij mensen hebben wij nu bewijzen gevonden dat dit waarschijnlijk klopt. Maar
het punt dat ik wil maken, en dat is erg belangrijk, dat, alhoewel we specifiek
met caseïne werken en we deze effecten waarnemen (en dit geldt niet voor proteïnen
uit planten) we ook denken dat het een universeel effect is van dierlijke proteïnen
in het algemeen. Dus, dierlijke proteïnen zijn carcinogeen en bevorderen kanker
en doen dit op vele manieren. Één manier waarop dit gebeurt is door de
productie van bepaalde groeihormonen te stimuleren, een ervan heet IGF1 (Insulin
like growth factor 1) de insulineachtige groeifactor 1. Dit hebben we in onze
proeven ook kunnen meten. Dus caseïne veroorzaakt de toename van deze
groeihormonen en dat stimuleert de groei van kanker.
Een beetje erg simpel gesteld: maar het hormoon gaat naar de cel en creëert
binnen de cel een soort nieuwe set van factoren om de groei te stimuleren. En
dat gebeurt op een nogal complexe wijze maar het belangrijke, zelfs het meest
belangrijke, hiervan is dat het gebeurt, dus de IGF1 stimuleert celdeling
oftewel de vermenigvuldiging van de cel.
Welk soort kanker kan hier het gevolg van zijn?
Het is zo dat deze bewijzen uit onderzoek bij mensen nu pas geleverd worden, dus
dat hogere waarden IGF samenhangen met bijvoorbeeld prostaatkanker en, bij
sommige onderzoeken, met borstkanker. En, aangezien alle kankersoorten verband
houden met een versnelde celdeling oftewel celgroei, hebben alle kankersoorten
deze eigenschap. Concluderend, het groeihormoon die de celgroei stimuleert zal
hetzelfde effect hebben op verschillende kankersoorten. Het feit dat we nog geen
empirische gegevens hebben voor al deze kankersoorten betekent niet dat het niet
bestaat. Alleen al op basis van de fundamentele biologie denk ik te kunnen
stellen dat wij dit uiteindelijk in verschillende mate zullen kunnen concluderen
voor iedere soort kanker.
In landen waar melk gedronken wordt komt kanker meer voor. Kunt u dat met
cijfers aantonen?
Ja, bijvoorbeeld bij borstkanker. Natuurlijk komt borstkanker in verschillende
landen in verschillende mate voor. Er zijn landen waar borstkanker bijna niet
voorkomt zoals op het platteland van China en in andere landen komt het weer
veel voor zoals, zoals u weet, in Europa. Zoals ook in Nederland, dat, geloof
ik, vlak boven aan de lijst staat. We zien dus grote verschillen tussen het ene
en het andere land en deze verschillen kunnen verklaard worden door de
consumptie van dierlijke producten, waarvan de belangrijkste in veel landen
zuivelproducten zijn. Overigens is er in principe geen substantieel verschil
tussen zuivel en andere dierlijke producten. Zuivel is misschien in sommige
situaties zelfs belangrijker. Maar we hebben echt goede onderzoeksgegevens die
aantonen dat naarmate de inname van dierlijk voedsel of andere indicatoren van
dierlijke voeding en dus ook de consumptie van zuivel hoger is, hoe meer kanker
voorkomt. Hier hebben we heel veel informatie over.
Critici zeggen dat melk goed is voor colorectale kanker?
Hier zijn enkele bewijzen voor wanneer je er op een heel eenzijdige manier naar
kijkt. Hiermee bedoel ik dat men heeft gekeken naar de inname van calcium,
misschien van zuivel, en het vermogen hiervan om in een vroeg stadium van
colorectale kanker symptomen te voorkomen. We hebben hier enige informatie over
waar bij mensen die meer calcium innemen, deze poliepen gereduceerd worden. Dat
is natuurlijk goed.
Maar gaat dit over calcium uit groenten of..?
Bij de experimentele onderzoeken worden voornamelijk calciumvoedingssupplementen
gebruikt. In deze situatie lijkt het erop dat hierdoor de poliepen wordt
gereduceerd. En, dat klinkt goed. Het was daarom een redelijke aanname om te
veronderstellen dat voeding met een hoger calciumgehalte in verband gebracht zou
kunnen worden met het minder voorkomen van colorectale kanker. En, ik geloof ook
dat er een aantal studies is geweest waarin gesuggereerd wordt dat verhoogde
inname van zuivelproducten in verband kan worden gebracht met het minder
voorkomen van colorectale kanker. Maar wanneer we naar het grotere geheel kijken
over vele bevolkingsgroepen, van groepen die geen zuivelproducten eten tot
groepen die veel zuivel consumeren is de conclusie hoe hoger de consumptie van
zuivel hoe hoger de colorectale kanker statistiek. Dus wat voor informatie we
ook hebben ontleend uit deze beperkte onderzoeken wat betreft in de eerste
plaats calcium of zelfs koeienmelk, dit waren zeer beperkte studies en het is
evident dat deze onjuist zijn want binnen het groter geheel is de uitkomst heel
anders.
Dus, wat is uw advies ten aanzien van het drinken of eten van zuivel?
Ik zou zeggen consumeer geen zuivelproducten. Ik weet dat het hard klinkt en het
is hard voor mijn vrienden die nog in de zuivelindustrie werken en daar ben ik
mij bewust van, maar ik voel toch meer mee met de mensen die getroffen worden.
Er zijn twee groepen, aan de ene kant zitten de zuivelproducenten, hele fijne
mensen. Ik kom uit die omgeving. Maar de andere kant staat een veel grotere
groep van mensen die door de consumptie van deze producten negatief beïnvloed
zijn. Alhoewel het niet zo leuk is voor de producenten om dit verhaal te horen,
is het zo dat het toch over een veel grotere groep gaat inclusief zijzelf en
natuurlijk hun gezondheid. Ik neem geen beslissingen gebaseerd op voorkeuren
voor de een of de ander, ik neem beslissingen gebaseerd op wat ik zie en op
bewijzen. Dit gezegd hebbende moeten we erover nadenken welk gevolgen dit heeft
voor de zuivelindustrie maar op de mensen die de gevolgen van het gebruik van
zuivelproducten ondervinden kan het een heel positief effect hebben.
INTERVIEW TROS RADAR MET WALTER WILLETT
Bij het onderzoek dat u gedurende een aantal jaren heeft uitgevoerd onder
verplegend personeel, heeft u uitgevonden dat de consumptie van calcium door
middel van het drinken van melk het risico op het krijgen van osteoporose niet
reduceert?
Bij een groot onderzoek van meer dan 100.000 vrouwen die in de verpleging zaten,
hebben we gekeken naar de consumptie van melk en naar een verband met een
toekomstig risico op botbreuken. We hebben bij de vrouwen die we jarenlang
hebben gevolgd geen bewijs gevonden dat botbreuken minder voorkwamen bij een
hogere zuivelconsumptie. Dit komt overeen met vele andere studies die dit
vraagstuk ook hebben bekeken. Vrouwen die meerdere glazen per dag dronken liepen
niet een lager risico op een botbreuk dan vrouwen die bijna helemaal geen melk
dronken.
Wat zegt u dat?
Onze bevindingen zijn consistent met vele andere onderzoeken die het verband
tussen melk consumptie en het risico op botbreuken hebben onderzocht. Er werd
consequent geen verband aangetoond. Natuurlijk is calcium een belangrijke
voedingsstof die we nodig hebben. Maar het lijkt erop dat we genoeg binnen
krijgen middels ons normale dieet, uit kleine hoeveelheden zuivelproducten. We
hebben geen grote hoeveelheden zuivel nodig om het risico op botfracturen laag
te houden. Wat we wel vonden is dat regelmatige fysieke inspanning heel
belangrijk is om het risico op botfracturen te verkleinen. Wanneer je het risico
op een botbreuk wil verlagen is mijn advies drink geen melk, maar neem de koe
uit wandelen.
Heeft het ook te maken met de proteïne in de melk?
Ik geloof dat de belangrijkste reden dat we geen verband konden vinden tussen
het risico op botbreuken en melkconsumptie was dat de meeste mensen genoeg
calcium binnen krijgen uit andere onderdelen in hun dieet. Wij zijn er wel
achter gekomen dat een hogere inname van vitamine d goed is, maar dat kunnen we
ook van de zon of natuurlijk van supplementen krijgen.
Wij zijn opgegroeid met de melkdoctrine dat we melk moeten drinken om je
botten sterk te maken, wat is uw mening?
Alhoewel we opgegroeid zijn met het idee dat we grote hoeveelheden melk moeten
drinken om sterke botten te krijgen, wordt dat eenvoudigweg niet bevestigd door
lange termijn onderzoeken die wij en anderen hebben uitgevoerd. Tenminste, als
volwassene is een hoge consumptie van zuivelproducten niet de manier om het
risico op botbreuken te verkleinen.
Denkt u dat er een verband bestaat tussen het drinken van melk en kanker,
bijvoorbeeld borstkanker of prostaatkanker?
We hebben sterke aanwijzingen dat een hoge consumptie van zuivelproducten
verband houdt met een verhoogd risico op het krijgen van prostaatkanker.
Inderdaad hebben veel onderzoeken geconcludeerd dat mensen die een hoge
zuivelconsumptie hebben een hoger risico lopen op het krijgen van
prostaatkanker. We zijn niet zeker waarom, maar we weten wel dat melk de dosis
van een hormoon in het bloed vermeerdert, het IGF, waardoor cellen zich sneller
vermenigvuldigen. Hoge doses hiervan worden in verband gebracht met
prostaatkanker en darmkanker en ook met borstkanker. Het is dus een realistische
mogelijkheid dat het risico op het krijgen van prostaatkanker bij een hoge
consumptie van zuivel toeneemt.
Heeft dit iets met het vet te maken?
Een tijdje lang heeft men gedacht dat het vet in de melk de oorzaak zou kunnen
zijn van het verhoogde risico op het krijgen van prostaatkanker, maar wij en ook
anderen, hebben hiernaar gekeken en wij zien niet dat de oorzaak bij het vet op
zich zit. Zelfs mensen die magere melk drinken tendeerden ook een hoger risico
te lopen op prostaatkanker.
Als je magere melk drinkt, loop je dan dezelfde risico’s als bij het
drinken van volle melk?
Het verband tussen melkconsumptie en kanker is niet onomstotelijk bewezen, het
is niet absoluut zeker en we begrijpen niet helemaal wat de redenen zijn waarom
er een verhoogd risico op prostaatkanker en mogelijk andere soorten kanker
bestaat. Bij prostaatkanker kan het heel goed zijn dat niet het vet in de melk
de veroorzaker is en als dat inderdaad waar is dan heeft het drinken van magere
melk naar alle waarschijnlijkheid dezelfde negatieve consequenties. Het feit dat
halfvolle of magere melk de insuline groeifactor hormoon in het bloed
vermeerdert, suggereert dat het vetgehalte niet werkelijk relevant is.
Bij borstkanker hebben we gezien dat een hogere consumptie van volle melk door
jonge volwassenen het risico op borstkanker in de jaren voor de menopauze,
verhoogde. In dit geval zou het kunnen zijn dat een aantal van de hormonen die
in de vetcomponent van de melk zit de veroorzaker kunnen zijn. Maar we zijn er
eigenlijk niet zeker van dat wanneer mensen magere melk drinken er een ander
verband gelegd zou kunnen worden met borstkanker.
Een ander verband tussen melkconsumptie en borstkanker is dat melk vele hormonen
bevat die onze groei accelereren (en het zou kunnen zijn dat dat de reden is dat
Nederlandse vrouwen de langste in de wereld zijn). Maar die snelle groei
gedurende adolescentie lijkt een duidelijk verband te hebben met latere
risico’s op borstkanker. Er is bijvoorbeeld een groot onderzoeksproject gedaan
in Denemarken waarbij aangetoond werd dat er een sterk verband ligt tussen de
snelheid waarop kinderen tussen de 10 en de 14 jaar groeien en het risico dat
zij op een latere leeftijd borstkanker krijgen. Het kan dus inderdaad waar zijn
dat die groeihormonen in de melk meehelpen het risico op borstkanker te
vergroten.
Denkt u dat het menselijk lichaam voor het drinken van melk gemaakt is?
Het is duidelijk dat melk een belangrijke biologische functie vervult. Het is
bedoeld voor een hele snelle groei van jonge zoogdieren en zit daarom vol met
essentiële voedingsmiddelen en groeihormonen. En, het is belangrijk snel te
groeien op de leeftijd tussen de 1,2 en misschien 3 jaar maar daarna wordt over
het algemeen snel groeien in verband gebracht met een verhoogd risico op kanker,
vele soorten kanker. Het is daarom niet natuurlijk dat mensen in grote
hoeveelheden melk drinken gedurende de tienerjaren en daarna. Dit zou wel eens
heel goed negatieve consequenties kunnen hebben. Ik geloof dat de aanname dat
melk in grote hoeveelheden veilig is, een hele gevaarlijke assumptie is.
Hoe komt het dat we daar niets vanaf weten?
Het is pas heel recent dat we de beschikking hebben over gegevens over
melkconsumptie en een lange termijn follow-up om te zien wat de verbanden zijn
met kanker en hart- en vaatziekten en nog andere ziekten. Dus we krijgen nu deze
informatie pas.
Dat is de reden dat we voor dit onderwerp naar de V.S. zijn gekomen.
Momenteel is er in dit land en mogelijk ook in Nederland grote schroom om
mogelijke nadelige gevolgen van melk te bespreken. Inderdaad zijn net onze
nationale voedingsrichtlijnen (National Dietary Guidelines) aangepast en hierin
worden de aanbevolen hoeveelheden melk verhoogd. In dit rapport staat helemaal
niets over enige nadelige gevolgen.
Het feit dat 90% van de wereldbevolking lactose intolerant is, wat zegt u
dat?
Het feit dat de meerderheid van de mensen in de wereld geen melk kan drinken als
volwassene, zou ons moeten zeggen dat melk werkelijk geen essentieel onderdeel
van ons dieet uit zou moeten maken. Dit is een onnatuurlijk onderdeel van een
menselijk dieet en voornamelijk beperkt tot de Noord Europese landen waar de
melkproductie bijna essentieel was om de lange koude winters te overleven. Dat
was toen een goede overlevingstechnologie maar alleen overleven om te kunnen
reproduceren is iets anders dan een lang en met je 80ste gezond leven te leiden
wat tegenwoordig wel ons streven is. En, een hoge consumptie van zuivelproducten
gedurende deze periode kan wel eens niet de beste manier zijn om een lang leven
te leiden.
Maar we hebben nu toch een langere levensverwachting in het westen?
Tot heel recent waren de belangrijkste doodsoorzaken besmettelijke ziekten,
sterfte bij geboorte. Het is pas in de laatste decennia dat de meeste mensen
over het algemeen een langer leven leiden en nu rijst dus de vraag hoe leven we
het gezondst en het langst. Het is dan ook pas recent dat we ons realiseren dat
we dit soort zaken als, wat zijn de lange termijn consequenties van een hoge
zuivelconsumptie, moeten bestuderen omdat we er niet eerder mee geconfronteerd
werden.
Ik zou hier waarschijnlijk aan toe moeten voegen dat ik niet denk dat we
zuivelproducten volledig moeten verbannen uit ons dieet, het gaat echt om de
hoeveelheid die waarschijnlijk het meest belangrijke is. Als we bijvoorbeeld
kijken naar een aantal bevolkingsgroepen die het langste en het gezondste
geleefd heeft waren dat de mensen in de landen aan de Middellandse zee toen men
nog leefde op de meer traditionele keuken zo’n 40 of 50 jaar geleden. Men
consumeerde in die periode wel zuivelproducten maar in kleine hoeveelheden. Een
klein beetje kaas en yoghurt maar zij dronken geen 3 of 4 glazen melk per dag
wat ze wel verteld werd als volwassene te consumeren.
Kunt u ook iets zeggen over colorectale kanker
Er is feitelijk bewezen dat een hogere melkconsumptie kan helpen het risico op
colorectale kanker in geringe, niet in grote mate te verminderen. Maar het
blijkt duidelijk uit andere onderzoeken dat het de calcium in de melk is die een
belangrijke factor vormt en het is net zo effectief om die calcium als een
supplement te nemen wat ook het voordeel heeft dat je niet de calorieën binnen
krijgt, ook niet het vet en het kost minder als het drinken van een glas melk.
Is de calcium in de melk de verkeerde soort calcium?
De calcium in de melk zal ook het risico op colorectale kanker helpen te
verkleinen maar we krijgen een hoop andere dingen bij die calcium die
colorectale kanker geen goed doen en dan zijn er nog zaken zoals calorieën en
vet die niet helpen en kunnen bijdragen aan overgewicht en hart- en vaatziekten.
Link:
Wat is er mis met zuivel: http://www.klassieke-homeopathie.net/pagina48.html
(met uitgebreide literatuurverwijzing)
home
contact sitemap
|
|

|